Dank, veel dank!

Op 25 juni j.l. overleed Hanneke.

De periode daarna was voor mij ‘getekend’ door rouw, een emotie die ik niet kende in de hevigheid van de afgelopen maanden. En … die rouw is nog niet voorbij, zal wel nooit helemaal over gaan. Ze was uiteindelijk de grote liefde van mijn leven.

Graag wil ik allen bedanken die me lieve, ondersteunende en betrokken berichten stuurden. Het was bijzonder daardoor weer eens te merken hoeveel harten (en hoofden) Hanneke heeft bereikt.
Na dertig jaar blijken er nog heel wat oude trouwe ‘vrekken’ te zijn.
Heel veel dank, allen!

IN MEMORIAM Hanneke van Veen (1943-2025)

Ruim twee maanden na haar overlijden is een (werk)biografie verschenen over het leven van Hanneke van Veen, geschreven door haar man Rob van Eeden.
Hebt u belangstelling dit document (28 pagina’s met veel illustraties) te ontvangen, neem dan contact op met robvaneeden@gmail.com.

Hanneke’s levensverhaal (18)

Er is nog meer …

Tijdens het schrijven van deze (werk)biografie kwamen er geregeld herinneringen op aan dingen die Hanneke óók deed. Maar die niet hiervoor beschreven zijn. Een paar daarvan:
LETS: Hanneke was actief betrokken bij LETS, het Local Economy Trade System, waar leden diensten voor elkaar verrichtten tegen een eigen gemaakte locale munteenheid. Hanneke bood vooral diensten aan op het gebied van opruimen van dichtgeslibde huizen. Ook toen we geen lid meer waren van LETS, deed Hanneke dit werk in haar ‘vrije tijd’ voor een flink aantal mensen.
Laat ik mijn baarmoeder weghalen? Een typisch voorbeeld van hoe Hanneke een persoonlijk probleem wist te vertalen naar het maatschappelijk vlak. Toen ze een jaar of 38 was kreeg Hanneke last van pijn aan de baarmoederhals en vagina. Na onderzoek door specialisten werd voorgesteld haar baarmoeder weg te halen. Zoals een arts zei: “U heeft twee kinderen en geen kinderwens, dus uw baarmoeder heeft u niet meer nodig.”
Na de operatie merkten we al snel dat zo’n amputatie allerlei gevolgen en bijwerkingen kan hebben, waarover door de opererende artsen niet of nauwelijks werd gesproken.
Hanneke ging op onderzoek en bracht hierover een brochure uit: Laat ik mijn baarmoeder weghalen? Daarin werd duidelijk dat de operatie veel te makkelijk werd voorgeschreven en dat betere voorlichting over de gevolgen ervan nodig waren. In de jaren daarna werd deze brochure in oplagen van vele duizenden verspreid in vrouwengroepen, bij de VIDO enz.
Rapen: Toen we in de jaren 80 veel LAW-wandelingen maakten, begon Hanneke te rapen, vuilnis dat langs de route lag in een plastic tas doen en ergens netjes deponeren in een afvalbak. Eerst geneerde ik me ervoor, maar later ben ik er aan gaan meedoen. Later werd ze lid van diverse ‘raapgroepen’ die overal in de stad en op het strand actief werden.
Zelfs toen ze in het verpleeghuis woonde, bleef ze actief rapen als we wandelingetjes in de buurt maakten, extra gestimuleerd omdat er statiegeld op de blikjes en flesjes zat. Rapend rijk worden noemden we dat.
Pothole gardens: Tijdens onze groenacties ontdekten we een boek van een Engelsman die minituintjes maakte in gaten in de weg of op stoepen: potholes. Heel leuk om te doen, soms met hulp van onze kleinkinderen, maakten we er tientallen in de stad. Ze hadden over het algemeen een kort leven, maar één ervan, het kabouterhuisje op het Copernicusplein in Den Haag bestaat nog steeds en wordt (door mij, zei de gek) onderhouden. Het heeft een glimlach op gezichten getoverd van duizenden passanten en kinderen veel plezier bezorgd.
Not Out!: Als lid van een soort gezelligheidsclub voor 55-plussers (Slimme Senior) werd Hanneke actief in het bestuur en bij het oprichten van diverse activiteiten. Een van de dingen waarmee ze zat was: café-bezoek doe je niet zo makkelijk in je eentje als vrouw, terwijl je toch wel eens iets wilt drinken in een café of op een terrasje.
Na gesprekken met diverse uitbaters bleek één café in de buurt bereid mee te werken aan Hanneke’s plannetje: ik ga elke dinsdag om kwart voor vier in dat café zitten. Dan hoeven dames niet meer alleen te zijn als ze komen. Na bekendmaking bij Slimme Senior bleek het een succes. Elke week kwamen rond de tien vrouwen (en ook mannen) naar Not Out! om gezellig samen wat te drinken en/of te eten rond zes uur. Dit initiatief bestaan nu al zo’n zeven jaar en inmiddels is er op donderdag iets soortgelijks elders gestart dat ook goed loopt.

Hanneke’s levensverhaal (17)

Van 70 tot 76 jaar, steeds meer groen

Hanneke’s vader was bloemist en hovenier. Dus kreeg ze de liefde voor planten, bomen en natuur van jongs af aan voorgeleefd. Sinds ik haar ken, ruim vijftig jaar, is het leven van Hanneke ondenkbaar zonder heel veel potten met planten en zonder tuinieren, als we een huis met tuin hadden.
Maar rond het jaar 2002 begon haar ‘vergroeningsdrang’ zich buiten ons huis uit te breiden. We woonden toen in de Marconistraat in Den Haag, een nogal stenige wijk. Op de hoek van de straat lag een strook grond voor een huis met alleen maar afval en onkruid. Dat kòn toch eigenlijk niet, vond Hanneke, dus belde ze er op een goede dag aan en vroeg of het goed was dat zij er een mooi tuintje van maakte met meerjarige planten en bloemen. Verbaasd waren die bewoners wel, maar na enige aarzeling vonden ze het goed. De heer des huizes bood aan voor voldoende zakken aarde te zorgen.

En zo was het eerste geveltuintje in onze straat ‘geboren’. Meer bewoners en winkeliers werden benaderd, waarvan de meesten enthousiast. Vrijwilligers sloten zich bij Hanneke’s acties aan. Maar niet alleen om geveltuintjes te maken. Ook openbare stukjes verwaarloosd groen en boomspiegels werden aangepakt. We noemden het inmiddels guerrilla gardening.
In de jaren die volgden werden zo vele tientallen tuinen en tuintjes gemaakt met hulp van vrijwilligers, later ook met hulp van de gemeentelijke groendienst. Allemaal gedocumenteerd op de website meergroenzelfdoen.nl. Aan het einde van deze biografie verwijzingen naar twee filmpjes die een goed beeld geven van onze acties.

In 2014 verhuisden we naar een tijdelijke huurwoning in een werkelijk superstenig nieuwbouw-wijkje in de Haagse Rivierenbuurt. Ook daar sloeg Hanneke toe. Binnen een jaar waren alle boomspiegels in de straat beplant en veel potten voor de gevels gezet. Geveltuinjes konden daar niet omdat er een parkeergarage onder lag. In die tijd drong het tot ons door dat een wijk zonder groen en water heel erg kan opwarmen in de zomer. Met ernstige gezondheidsrisico’s voor bewoners en bezoekers.
Daar was al, vooral vanuit enkele universiteiten waaronder Wageningen, wat onderzoek naar gedaan, maar veel concreets gebeurde er nog niet. Ook toen we e.e.a. aan de orde stelden in gesprekken met enkele Haagse wethouders bleek er weinig animo om hitte-eiland-stress aan te pakken.
Dat had tot gevolg dat we hitte-eilanden.nl startten. In het begin met nog wat schampere reacties (lekker toch, hoef je niet meer ver op vakantie etc.), maar inmiddels is de ernst van hitte-eilanden wel doorgedrongen, in Den Haag en alle steden in Nederland.

En zo ging het maar door. We verhuisden naar het Stadhoudersplantsoen, vlakbij de Valeriusstraat in Den Haag. Al snel had Hanneke ontdekt dat de boomspiegels in de Valeriusstraat er zeer verwaarloosd en vervuild bijlagen. Ze stelde me voor om er vijf, het dichtst bij onze flat, te gaan beplanten. Wederom met een groep vrijwilligers deden we dat. Na een tijdje stelde ik voor dat het misschien wel een idee was om alle ruim dertig boomspiegels te gaan beplanten en om te proberen de winkeliers bij die boomspiegels erbij te betrekken. Hanneke was wat huiverig: nemen we niet te veel hooi op onze vork. Toch wist ik haar te overtuigen. Met de nodige gevolgen.

Alle boomspiegels werden beplant, hier en daar met hulp van bewoners en winkeliers, maar de bulk van het werk kwam toch op ons neer. Vier jaar deden we het en kregen er in 2019 De Gulden Klinker voor, een prijs van € 1.000 en een bronzen tegel in de stoep.
Toen konden we niet meer. In de hete zomers dagelijks dertig boomspiegels begieten met vele honderden liters water brak ons op. Ondanks alle pogingen waren er maar weinig winkeliers die meewerkten. Vergroenen is zo eenvoudig nog niet. Gelukkig is de gemeente zelf steeds actiever op dit gebied.

Hanneke’s levensverhaal (16)

Van 64 tot 70 jaar, Van Spaarbank Veranderen en Radar

Hoe meer we ons verdiepten in de wereld van banken en sparen, hoe meer verwondering over het feit dan bijna niemand zijn of haar spaargeld overmaakte naar een spaarbank met een hogere rente. We spraken daarover met familie, kennissen en anderen; waarom ze hun spaargeld maar lieten staan op hun eigen bank, terwijl er elders, met weinig moeite, meer rendement was te behalen. Het is zo’n gedoe; als ik mijn spaargeld daar weghaal krijg ik bij die bank (later) misschien geen hypotheek. Die andere banken, zijn die wel safe? En ik wil niet van bank veranderen, ik zit al jaren bij de ING, ABN/AMRO enz.

Uit eigen ervaring wisten we dat al die argumenten regelrechte kul zijn. Het is een kleine moeite om je spaargeld over te maken op je betaalrekening en vervolgens naar een spaarrekening van een andere bank. Met een bedrag van bijvoorbeeld € 50.000 kan je dat € 500 per jaar – en soms meer – opleveren. Een werkje van minder dan een kwartier. Je hoeft ook helemaal niet van bank te veranderen, alleen maar een bedrag van je spaarrrekening over te maken naar een spaarrekening bij een andere bank. Een hypotheek krijg je op basis van je inkomen en niet je spaargeld. En safe? Er was toen al een garantieregeling tot € 25.000 per persoon en per bank (die later nog uitgebreid is naar een ton voor alle Europese banken).

Ik herinner me dat we op vakantie waren in de Pyreneeën, ergens op een berg en een artikel in de Volkskrant lazen, waarin de journaliste hetzelfde aan de orde stelde als wij en zich ook afvroeg waarom mensen zo angstig waren om met hun zuurverdiende spaargeld wat meer rente te krijgen.
Toen we daarover praatten, zie Hanneke: we moeten het beter uitleggen. Het helemaal voordoen en laten zien dat het makkelijker en veiliger is dan mensen denken. En zo werd het idee voor de website vanspaarbankveranderen.nl geboren. Ik maakte de site in een paar dagen met hulp van zoonlief die al jaren actief was op internet.

Op een Spaanse berg was een familiebedrijf ‘geboren’ dat de jaren erna veel zou opbrengen, waaraan dochter Barbara en zoon Michaël en anderen meewerkten. Zo kwam het Vrekkenechtpaar, dat eigenlijk met pensioen wilde gaan, opeens weer in de publiciteit met interviews in de media en optredens in talkshows en programma’s als Kassa! en Tros Radar. Ook banken bleken belangstelling te hebben om met hun (hogere) rentes in onze vergelijkingen te worden opgenomen. We vielen stijl achterover toen we uitvonden hoeveel banken bereid waren te betalen voor een ‘click’ naar hun bedrijf (tussen de 2 en 4 euro per click, u leest het goed).

Er bleken meer initiatieven als het onze te zijn, o.a. Spaarwijzer en Independer. Waarmee wij ons steeds hebben proberen te onderscheiden is dat we objectieve informatie gaven over spaarrentes en nooit ‘voorrang’ gaven aan banken of initiatieven die ‘bovenaan’ in een vergelijking wilden komen staan. Ook namen we geen banken op waarvan we het vermoeden hadden dat ze niet ‘safe’ waren, zoals IceSave, wat ons door die bank niet in dank werd afgenomen. Veel individuele spaarders hebben ons later bedankt voor de waarschuwingen over IceSave. Terwijl er vele miljoenen werden belegd door gemeentes, provincies, instellingen en particulieren.

Toch wilden we – na een aantal jaren ‘in het grote geld’ – stoppen en verkochten de site en (inmiddels) aanverwante sites aan Roland Bieleveldt, een betrouwbaar financieel ondernemer, die ons werk tot op de dag van vandaag voortzet. Vanuit dezelfde spirit: laat je niet plukken door een bank, maar ga op zoek naar de beste veilige rente voor je spaargeld.
We bleven nog een paar jaar – in de zijlijn – betrokken bij Van Spaarbank Veranderen. Tot begin 2013 schreef Hanneke een wekelijkse column voor de site van Tros Radar. Maar ook daaraan kwam na de honderdste column een einde.

Hanneke’s levensverhaal (15)

Van 58 tot 63 jaar, werken in de zorg en voor de Sparenpagina

Toen we gestopt waren met (bijna) alle activiteiten voor de stichting Zuinigheid met Stijl, ging Hanneke op zoek naar werk ‘buiten de deur’. Via een gespecialiseerd uitzendbeau werkte ze bij de Robert Fleury-stichting, o.a. op de crisisopname schizofrenie en bij een afdeling waar mensen met eetstoornissen werden verpleegd en begeleid.
Daarna werkte ze jaren in de gespecialiseerde thuiszorg. Zeg maar, thuiszorg voor zware, moeilijke gevallen, waar de ‘gewone’ thuiszorg niet voldoende voor geëquipeerd was. Ik vond het altijd weer verwonderlijk hoe Hanneke bij deze mensen thuis wat orde en rust kon brengen. Ook naar dit werk bij vervuilde en/of gestoorde mensen ging ze opgewekt toe en kwam moe, maar opgewekt weer thuis.

Alleen de verhalen al, wat ze daar allemaal meemaakte, bezorgden mij rillingen, maar Hanneke niet. Haar motto ‘het kan alleen maar beter worden’ kon ze ook hier weer in de praktijk brengen.
Allerlei ervaringen met dat werk en nog veel meer beschreef Hanneke op haar weblog (hannekevanveen.nl), waarvan een groot deel opgenomen is in het boek Het kan alleen maar beter worden en andere opbeurende verhalen, dat in 2005 uitkwam.

Het ‘sparen’ kon Hanneke niet helemaal loslaten. Nu we zelf aardig wat spaarcentjes hadden, kwam de vraag op, wat doe je met dat geld? Beleggen was niet haar ding, dus stond haar spaargeld op spaarrekeningen bij de ASN- en Triodosbank, met nauwelijks rente.
Ik was in die tijd actief bij Startpagina, een toen populaire pagina om je zoektocht op internet te beginnen. Inmiddels had ik daar een aantal (sub)pagina’s over onderwerpen als prijsvergelijking, sabbatical en rwanda. Vooral met enkele van die pagina’s begon ik wat geld te verdienen, doordat bepaalde sites en bedrijven een vergoeding betaalden voor de ‘clicks’ vanaf mijn pagina’s.

Hanneke kwam met het idee om zo’n pagina ook te maken voor sparen. Dat leek me helemaal niets. Wat was er nou te melden over sparen met al die lage rentes? Maar uiteindelijk maakten we de pagina wel. Hanneke was moeilijk te weerstaan, als ze eenmaal een plan had. Het werd sparen.startpagina.nl met allerlei informatie over sparen, spaarpotten, spaarzegels, spaar-acties, spaarrentes enz. Vooral banken met wat hogere spaarrentes hadden interesse in vermeldingen. Toentertijd waren dat o.a. Turkse banken met een Nederlandse vestiging, maar al snel bleken ook Nederlandse banken interesse te hebben, bij de lancering van een nieuw spaarproduct bijvoorbeeld.
Zo bleek maar weer eens dat een idee van Hanneke de moeite waard was om uit te voeren, ondanks mijn aanvankelijke tegenzin en weerstand.

Hanneke’s levensverhaal (14)

Van 53 tot 58 jaar, schrijven en optreden in Nederland en daarbuiten

Maar we waren niet alleen bezig met de media. We kregen steeds meer zin om te schrijven over consuminderen, en wat dat nou allemaal inhoudt en kan opleveren. Hanneke en ik hadden al eerder boeken geschreven, maar na de Vrekkenkrant werd het pas echt een serieuze bezigheid waar we beiden uren per dag mee bezig waren. Niet full-time, want Hanneke deed in die periode ook (zeven jaar) vrijwilligerswerk voor de Haagse Voedselbank, ze hielp mensen met het opruimen van hun dichtgeslibde huizen en we hadden een volkstuin.

Een complete lijst van Hanneke’s schrijfwerk staat aan het einde van deze biografie. Het succesvolste boek was ongetwijfeld Je geld of je leven, een volledig herschreven bewerking van het Amerikaanse boek Your Money or Your Life van Joe Dominguez en Vicky Robin. In dat boek ging het niet zozeer meer over consuminderen, maar over een methode om werkelijk grip op je geld te krijgen, en om daarmee financiële onafhankelijkheid te bereiken of dromen te realiseren.
In feite is het een boekhoudmethode om zicht te krijgen op al het geld dat binnenkomt en dat je uitgeeft. Alles minutieus bijgehouden in een groot tabellarisch kasboek. Op basis van dat kasboek neem je maandelijks beslissingen over je uitgaven en inkomsten. Door dat Amerikaanse boek serieus toe te passen in ons leven, kregen we grip op ons geld en ons vaak kortzichtige en onbewuste geld-gedrag. We deden dat zeven jaar. De Nederlandse versie werd een succes met vele drukken, later vertaald in het Duits (Geld oder Leben) en (ja ja) Koreaans. Het leverde niet alleen royalties op, maar nog meer spaargeld dan we al hadden.

De Vrekkenkrant, met als opvolger het blad GENOEG, plus alle boeken die gepubliceerd werden, leidden ertoe dat we steeds vaker het land introkken om avonden te verzorgen voor allerlei groepen en verenigingen, te spreken in talkshows in binnen- en buitenland en vele tientallen keren de eendaagse cursus Je geld of je leven te geven. Tot ongeveer 2001 hield ik het vol om steeds maar weer op pad te gaan. Als we weer op weg waren naar een cursus, lezing of interview verzuchtte ik steeds vaker: daar gaan ze weer, de Gert en Hermien van de nieuwe zuinigheid. Ik kon het verhaal bijna niet meer uit mijn strot krijgen. Ook alle vragen die gesteld werden, steeds dezelfde, gingen me steeds meer tegenstaan.

Hanneke had nog wel willen doorgaan, maar niet in haar eentje. Dus stopten we. En droegen alle activiteiten over aan een groep enthousiaste mede-vrekken verenigd in de stichting Zuinigheid met Stijl.
Overigens bleven journalisten ons (tot een paar jaar terug) bellen en gaven we nog sporadisch interviews. Hoe gaat het nu met jullie? Nog steeds zuinig? En wat heeft het opgeleverd?
Een ding is zeker, de ideeën en plannen van Hanneke, samen met mij uitgevoerd, hebben veel mensen iets gebracht waarover ze na jaren nog tevreden zijn: niet meer een armoede-gevoel, maar bewustzijn van rijkdom en mogelijkheden die je hebt, als je je er toe zet.

Hanneke’s levensverhaal (13)

Van 49 tot 53 jaar, Vrekkenkrant in Den Haag

Het duurde nog een paar maanden, waarin mogelijke namen voor het nieuwe blad passeerden, voor we eruit waren. Het werd het de Vrekkenkrant. Het eerste nummer verscheen op 21 april 1992 en werd verspreid naar zo’n 500 adressen van familie, vrienden en kennissen en het Koninklijk Huis. Prins Claus reageerde direct enthousiast.
Het ‘format’ van het blad was eenvoudig. Zes pagina’s A4, met op de voorpagina het ‘hoofdartikel’ van Hanneke. In het eerste nummer had dat als kop: SPAREN IS LEUK! De rest van het blad gevuld met korte en wat langere artikelen met tips, trucs en ervaringen, ingezonden of door ons geschreven.
Binnen de kortste keren meldden zich 60 abonnees aan. Ik werkte toen als uitgever van een milieublad en wist direct dat een respons van 12% op één mailing fenomenaal was. Bij dat blad gingen de champagneflessen al open als we een respons van 2% hadden op een mailing.

Het volgende nummer stuurden we naar de Telegraaf en de Haagsche Courant, die direct reageerden door een journalist en fotograaf te sturen en grote artikelen te publiceren. In de Telegraaf werden we tot Vrekkenechtpaar gebombardeerd, een titel waar we nooit meer vanaf zijn gekomen. In onze onschuld hadden we onder hun artikel laten zetten dat iedereen een gratis ex. van het blad kon ontvangen door een kaartje naar ons huisadres te sturen.
Dat leidde tot een stortvloed van aanvragen, uiteindelijk zo’n 20.000, waardoor we ‘slachtoffer van ons eigen succes’ dreigden te worden. Het kopiëren en verzenden van één nummer kostte een gulden. Twintigduizend gulden! Daarop hadden we niet gerekend.
Maar niet getreurd, vond Hanneke. Bij elk proefex. verzonden we een klein briefje, met het verzoek om fl 1,03 over te maken om ons faillissement te voorkomen. Ook dat leidde tot hilarisch dikke giro-enveloppen die niet door de brievenbus pasten en meer dan 1.500 nieuwe abonnees.

In de maanden erna kwamen we in een ‘rollercoaster’ van interviews in kranten en bladen, interviews op tv en radio. Ook in België. Begrijpelijk want Belgen vinden het heerlijk wat meer te weten te komen van, en vooral te lachen om, die zuinige Hollanders. Met optredens op de Belgische talkshows en radio tot gevolg.
En zo ging het door tot het 26ste (en laatste) nummer van de Vrekkenkrant. Letterlijk meer dan 1.000 artikelen in kranten en bladen over de hele wereld en vele tientallen optredens in talkshows in Nederland (alleen Sonja nodigde ons niet uit), België, en Duitsland, waar men ook lucht had gekregen van “das geizigste Ehepaar Europas”.

In deze biografie van Hanneke zal ik niet veel meer uitweiden over de bijzonderste periode van ons leven. Aan het einde van deze biografie volgen links naar artikelen op Wikipedia, video’s op Youtube en onze blogs.

Hanneke’s levensverhaal (12)

Van 48 tot 49 jaar, consuminderen in Den Haag

In het laatste jaar dat Hanneke in Schiedam werkte begon het te ‘kriebelen’ op een heel ander vlak. Ik werkte inmiddels bij het Centrum voor Energiebesparing en schone technologie (CE) in Delft en kwam thuis met verhalen thuis over de Club van Rome, energiebesparing, alternatieve energie, recycling etc. We spraken daar veel over en Hanneke betrok het direct op zichzelf. Wat zou ik daaraan kunnen doen? Hoe zouden wij ons leven zo kunnen inrichten dat we minder impact op de aarde en het milieu hebben? Wat was onze ‘voetafdruk’?
We hadden inmiddels beiden een goed inkomen en gaven aardig wat geld uit aan vakanties, boeken, uitgaan, abonnementen etc. Ikzelf zat daar op dat moment niet zo mee, maar Hanneke steeds meer. Eigenlijk was ze onze luxe leventje een beetje zat, zei ze. Echt genieten van al die luxe bevredigde niet meer.

Hanneke besloot om een brief aan haar familiekring te sturen, waarin ze uitlegde wat ze wilde: minder consumeren om de aarde te sparen. Het was een positieve grappige brief, waarin ze ook voor sommige familieleden suggesties deed, een beetje plagerig.
Al snel kwamen er reacties binnen, waarin eigenlijk bijna iedereen suggesties deed hoe hij of zij zou kunnen bezuinigen. Het verwonderde ons dat de meesten zo positief reageerden. Dat stimuleerde mij om ook eens na te denken over mijn consumptiepatroon. En het leek niet zo moeilijk allerlei besparingen te realiseren op mijn toenmalige ‘bourgondische’ leefstijl..

Herman Verheij, medewerker van het ministerie van VROM, lanceerde in 1991 het woord consuminderen. En wat Hanneke in die periode wilde was precies dat: consuminderen, minder consumeren, minder grondstoffen gebruiken, minder afval en uitstoot veroorzaken. Maar wel zo dat de kwaliteit van ons leven er niet op achteruit zou gaan.
Het duurde nog een tijdje voor ik overtuigd raakte van het nut en het mogelijke effect van ‘vrijwillige consumptievermindering’, maar toen dat eenmaal zo ver was, stelde ik voor om het dan maar samen te gaan proberen en uit te zoeken tot hoe ver we konden gaan. Ik werd zelfs radicaler dan Hanneke.

Alle abonnementen opzeggen, niet meer uit eten, veel meer uit onze moestuin gebruiken, zo goedkoop mogelijk op vakantie, lid van de bibliotheek worden en daar kranten en tijdschriften lezen en boeken lenen in plaats van kopen. Geen dure dure broodjes meer als lunch op het werk, maar een broodtrommeltje mee. Geen nieuwe kleren meer kopen enz. enz.
Toen we er eenmaal aan begonnen werd het een soort sport om alles zo goedkoop mogelijk te doen. We hadden daar nooit zo over nagedacht maar de mogelijkheden bleken bijna onbeperkt. Zeker met onze inkomens en uitgave-patroon.

In die tijd lazen we een artikel in Vrij Nederland over een Amerikaans blad: de Tightwad Gazette, dat een enorm succes was in de States. De schrijfster was zelfs bij Oprah Winfrey geweest en had inmiddels meer dan 100.000 abonnees. Mijn zoon werkte toen in Amerika en we vroegen hem alle ex. van het blad te kopen en naar ons te sturen. De blaadjes sloegen in als een bom. Amy Dacyczyn, de maakster van het blad, voelde direct als een zielsverwant, die op een luchtige en humoristische manier allerlei praktische en handige tips gaf in een klein blaadje met leuke tekeningen en illustraties. Een blad zonder reclame, dat ook.

Binnen een half jaar werd duidelijk dat we aanzienlijk konden bezuinigen, zonder een centje pijn. Sterker nog, ons leven werd aangenamer. Onze creativiteit werd enorm aangesproken. En we maakten allerlei nieuwe ontmoetingen en avonturen mee.
Hanneke ik hadden onze financiën altijd gescheiden gehouden. Hanneke had al aardig wat spaargeld, maar ik had schulden en een niet afgeloste hypotheek. Maar nu kon ik mijn schulden gaan aflossen en extra aflossen op de hypotheek. Wie had dat ooit voor mogelijk gehouden, ik niet!

Hanneke’s levensverhaal (11)

Van 42 tot 48 jaar, De Essenlaan in Schiedam

In de voorafgaande jaren kreeg de oudste dochter van Hanneke steeds meer problemen met druggebruik. Wij wisten ons daar in het begin geen raad mee. Hanneke liet het daarbij niet zitten en nam contact op met de Emily Hoeve, waar (ex-)drugsverslaafden een innovatieve aanpak kregen van minimaal een jaar dag en nacht wonen in de Emily Hoeve met intensieve begeleiding en (groeps)therapie, waar ook de ouders en relaties van de bewoners nauw bij betrokken werden.

Ze was enthousiast over deze aanpak en kwam in contact met een soortgelijke kliniek in Schiedam: de Essenlaan, kliniek voor verslavingsziekten, onderdeel van de Bouman-stichting. Terwijl haar dochter daar opgenomen was (met inmiddels een eigen dochter) solliciteerde Hanneke er en werd aangenomen.
Een van de vele regels van de ‘commune’, zoals ie genoemd werd, was dat je als nieuwe medewerker het programma voor de bewoners – in snel tempo van drie weken – helemaal moest doorlopen. Dat was een zware periode: geen contact met het thuisfront en de sterk hiërarchische aanpak met in het begin de ‘wasteil’ met vooral schoonmaakwerk en de rotste klusjes tot je op het laatst lid werd van de ‘staf’.
Het waren weken waarin ze ‘onderworpen’ werd aan extreme therapieën, zoals dynamische meditatie en straffen – als je je niet aan de regels had gehouden – met terugzetting in de hiërarchie en ‘haircuts’, zoals dat toen heette.

Ondanks haar weerzin tegen het programma doorliep ze het en kreeg een centrale functie in het geheel, waarbij zij na een inwerkperiode vooral werkte aan het herstellen van de relaties die de bewoners voor hun opname hadden met ouders, partners, vrienden, mede-verslaafden.
Ik kreeg bewondering voor haar werk met de bewoners, waaronder bepaald geen lieverdjes. Op een open dag was ik getuige van een soort confrontatie tussen bewoners en hun relaties, in een soort Lagerhuis-aanpak. Hanneke had de leiding en ik zag haar voor het eerst in haar rol als contactmaker en bemiddelaar tussen de twee ‘partijen’, waar natuurlijk van nog alles speelde en de emoties hoog opliepen.

Later zei ik tegen Hanneke dat ik nooit meer bij zoiets in ‘die’ commune wilde zijn, het zeer onaangenaam had gevonden met zoveel ‘enge’ mensen. Maar dat ik had gezien dat Hanneke er helemaal op haar plek was en goed werk deed tussen incest- en geweldplegers, criminelen en ex-verslaafden.
Zeven jaar werkte ze er en doorliep in die tijd opleidingen op het gebied van verslavings- en gezinstherapie. Ik begreep niet hoe ze het volhield. Maar ze maakte er echt haar vak van. Ging er fluitend naar toe en kwam moe, maar tevreden weer thuis.