In memoriam Jan Remmerswaal

Eind juli las ik in de NRC over het overlijden van Jan Remmerswaal, oud-schoolhoofd van de basisschool Het Volle Leven in Den Haag. Van 1956 t/m 1958 was hij mijn onderwijzer in de laatste klassen van die bijzondere lagere school aan de Rijslag in Scheveningen. Er zijn maar weinig onderwijzers en leraren die ik me goed herinner. Meester Remmerswaal, zoals wij hem toen natuurlijk noemden steekt met kop en schouders boven alle anderen uit.
Helaas kon ik niet bij de crematie aanwezig zijn. Hier wil ik hem eren met enkele herinneringen en woorden.

Waarom hij zo bijzonder was
Hoe jong ik ook was, al heel snel nadat die grote man met zijn scherpe stem voor onze klas stond, was duidelijk dat het niet om ‘zomaar’ weer een nieuwe onderwijzer ging. Meester Remmerswaal bouwde met mij (en vele anderen ongetwijfeld) snel een band op. Op de een of andere manier ‘wist’ hij veel over me, kon me goed inschatten (ik was best een vervelend, lawaaiig jochie) en hij kon me tot de orde brengen. Dat voelde niet naar, integendeel, het voelde al snel vertrouwd. Hier was iemand die me kende, die wist hoe ik in elkaar stak (meer dan ikzelf) en die heel persoonlijk met me kon omgaan.
Toen ik een vechtpartij met bloedige afloop had met een jongen uit de klas die mijn vriend Bert-Joost Juliard voor ‘vuile jood” had uitgescholden, liet hij duidelijk merken dat dat natuurlijk niet kon, zo hard slaan dat iemand tegen de stoeprand een gat in zijn hoofd valt. Maar nog duidelijker liet hij aan de hele klas weten, dat dit soort scheldpartijen niet kunnen, nooit! Straf kreeg ik niet, voorzover ik me kan herinneren.

Raket
Omdat er ook wel eens wat was met mijn jongere zus Manja, leerde hij mijn ouders goed kennen. Met mijn moeder, die vaak overbezorgd reageerde kon hij – op zijn manier – prima omgaan. Een keer in het klaslokaal had ik staan tennissen en de bal keihard tegen de achtermuur van de klas geslagen. Ik moest me bij Levöliger (de concierge, ook een bijzondere verschijning) gaan melden met racket en bal. En Levöliger wist wel raad met zo’n raddraaiertje. Dat ‘raket’ (hij sprak het zo uit, als het projectiel) zou linea recto in de grote verbrandingsoven van de schoolverwarming verdwijnen.

Toen ik dat tussen de middag thuis vertelde raakte mijn moeder in alle staten en snelde met me naar school: schandelijk om zo’n duur racket te verbranden; ze wilde direct verhaal gaan halen bij meester Remmerswaal. Ik weet niet wat er toen precies gezegd en besproken is, maar ik herinner me wel de brede lach op het gezicht van meester Remmerswaal, toen hij en mijn moeder (nog steeds opgewonden) het lokaal uitkwamen en de gang inliepen op weg naar de concierge. Want wat bleek (natuurlijk): het ‘raket’ was niet in de oven verdwenen, maar lag ergens hoog in een kast, en ik kreeg het voorlopig niet terug.

Manja
In de bijna 60 jaar die daarna verstreken, hebben Jan Remmerswaal en ik, we woonden in dezelfde buurt, elkaar tientallen keren ontmoet, meestal op straat. We spraken soms kort, soms langer, maar altijd kwam het ‘raket’ weer tevoorschijn en toverde die brede grijns op zijn gezicht.
Vaak had hij het ook over zijn dochter. Ja, die had die mooie naam te danken aan mijn zusje Manja. Dat had hij altijd zo’n bijzondere naam gevonden.

Pas geleden, bij de kapper op de Valkenboslaan, spraken we nog over hem, over zijn boeken en passies.
Heel jammer dat ik hem nooit meer zal tegenkomen.

Jan-Remerswaal

Het leven is eindig…

Ben een nieuw blog begonnen, met als eerste bijdrage een ‘In Memoriam’ voor Jan Remmerswaal, schoolhoofd van basisschool ‘Het Volle Leven’, waar hij in de laatste twee klassen onze ‘Meester’ was. LEES VERDER.

De ogen geopend…

Gisteren maakten Hanneke&ik een wandeling onder leiding van Maup, zo langzamerhand een fenomeen wordend in en om Den Haag, door de veelheid van bijzondere wandelingen die hij via zijn diverse sites aanbiedt, zoals: wandelenmetmaup.wordpress.com. We liepen een stuk door Clingendael en zagen daar tientallen verschillende paddestoelen. Tot onze schande moesten we bekennen dat we hier al jaren lopen, maar nauwelijks paddestoelen hebben gezien. Nu is het volgens Maurits Burgers (zijn officiele naam) ook wel een bijzonder paddenstoelenjaar, dat gebeurt eens in de vijf tot zeven jaar. Alleen al de hoeveelheid cantharellen…  Bekijk vooral de foto’s die hij (en andere deelnemers) daarvan op Facebook plaatsten.

Vandaag liepen H&ik in de buurt van de Wassenaarse Slag en ook daar zagen we opeens overal kleine en grotere paddenstoelen. Toch waren we wel verbaasd om een kabouter met een tuinschaar aan te treffen die duidelijk een grote Vliegenzwam (Nee hoor, volgens Maup – zie zijn reactie – een Braakrussula) doormidden had geknipt. We hebben het mannetje vermanend toegesproken, want knippen en plukken doe je niet. Of het zal helpen?

Kabouter-paddenstoel

Ik heb voorspellende gaven…

Alles totaal op z’n kop: De val van Icarus.           Henri Matisse

Bijna drie jaar geleden, schreef ik (aus einem Guss) onderstaande tekst, onder de titel: DE crisis? Weg ermee!

Op allerlei manieren zit DE crisis, waarover kranten en media maar niet lijken te kunnen ophouden, me echt tot hier! Helemaal spuugzat ben ik al die artikelen en verhalen van tientallen/honderden journalisten, deskundigen, demonstranten of wie dan ook. Ze spreken elkaar tegen, spreken elkaar na, discussiëren, voorspellen enzovoort, etcetera en zo verder.

Van de week nog twee (naar mijn indruk deskundige) economen bij de DWDD. Een uiterst merkwaardige vertoning, experts die op een lacherige, gegeneerde toon vertellen dat het misschien wel bijna is afgelopen met de euro, met Europa of nog erger. En dat we er ook niet veel aan kunnen doen. Menen ze dat nou? Zijn ze echt serieus? Waarom stellen ze zich dan zo aan onder aanvoering van lachmannetje Matthijs?

Mijn voorspelling: over een paar jaren zeggen we terugkijkend op DE crisis: het was geen leuke tijd, we hebben (terecht) flink moeten inleveren, we waren in verwarring, we waren bang, maar we hebben er toch wel iets van geleerd. En Europa? Dat bestaat nog steeds, met Griekenland erbij, plus de andere landen die zich inmiddels hebben aangesloten. En de euro? Niets aan de hand!
En China of Brazilië? Laten we hopen dat het dáár wat beter gaat, dat er misschien iets meer democratie en mensenrechten zijn, en iets minder milieuvernietiging. Maar ja, dat vraagt nu eenmaal zijn tijd.

En al die mensen die met hun goud- en zilverbaren de rimboe zijn ingetrokken om zich onafhankelijk te maken van het definitief instortende globale wereldsysteem? Die zijn allang weer terug en hebben hun baren en munten maar weer ingeruild voor euro’s om brood en spelen te kunnen kopen in de mall, supermarkt of biologische winkel.

DE crisis, hou toch op! Je moest eens weten hoe ik me af en toe voel…

Groene Engel slaat weer toe!

Groene-Engel-350Hanneke ken ik niet anders dan – op de een of andere manier – actief met planten en bloemen. Ik heb me er jaren tegen verzet, als gelukkige bezitter van een bos plastic tulpen op de schoorsteen, maar het mocht niet baten. Sterker nog, ze heeft me min of meer bekeerd.
Zelfs ik ben nu af en toe aan te treffen in tuinen en tuintjes en doe daar het mijne om planten en struiken te verzorgen. Niet zozeer in onze (voormalige) tuin, want dat was echt haar domein, maar wel in en om de wijk waar we woonden. Een verslag daarvan staat op de Meer Groen KAART.

Na ons vertrek uit de Marconistraat, dacht ik dat het – met het kleine balkonnetje van het nieuwe huis – wel zo’n beetje zou zijn afgelopen met tuinieren. Dat we nu ongestoord – op ieder moment – de deur achter ons konden dichttrekken en op vakantie gaan, voor een week, voor een paar maanden; het maakte niet uit, dacht ik. Maar ik had buiten de waard gerekend, want er staan inmiddels binnen, op het balkon en voor de deur heel wat bakken en potten. Toch weer een heel georganiseer om die goed te laten verzorgen tijdens onze afwezigheid. En dat is nog niet alles.

gevel-11Toen we in maart verhuisden was er in onze nieuwe straat nauwelijks groen, hier en daar wel wat potten bij voordeuren en een bescheiden geveltuintje. Het hele buurtje (Eden genaamd) is nogal stenig en onze straat was daar een goed voorbeeld van. Nu, vijf maanden later heeft een ware metamorfose plaatsgevonden. Het kan niet anders, de Groene Engel heeft toegeslagen! Eerst werden allerlei restanten uit de oude tuin verpot en rond onze voordeur gezet.

boomspiegel-AV-1Maar de boomspiegels in ons stukje straat, vier flinke grote, lagen er troosteloos bij, vol onkruid, blikjes, peuken, hondenpoep etc. Ook dat werd door Hanneke voortvarend aangepakt. Nu zijn ze (met wat hulp van buren en ondergetekende) een lust voor het oog en groeien en bloeien zo hard dat er al bijna een compost-hoop nodig is.
Bijkomend voordeel? Hanneke krijgt zo makkelijk contact met mensen uit de straat en het omliggende wijkje. Ze wordt vaak aangesproken, bijna iedereen vindt het leuk dat de buurt groener wordt.
Het is misschien jammer dat we niet zomaar de deur achter ons dicht kunnen trekken, maar al dat nieuwe groen is me meer waard .

Niet helemaal in vorm…

Sinds enkele maanden wonen we in het centrum van Den Haag, in een wijkje genaamd… Eden, waarover later meer. We verkennen onze nieuwe woonomgeving te voet. Vlakbij is bijvoorbeeld de Hofvijver, waar we natuurlijk al vele malen omheen en langs zijn gelopen, maar toch ontdekte ik iets nieuws, dat daar overigens al meer dan negentig jaar aanwezig is.
In 1923 werden, op advies van Berlage, de huizen langs de zuidkant van de Hofvijver (de kant van de Gevangenpoort) gesloopt om een betere toegang voor autoverkeer tot de stad mogelijk te maken. Berlage ontwierp daarbij de bekende fraaie zuil met tegelwerk van Ingen-Housz. Ik vermoed dat het hekwerk om dat deel van de vijver dat toen geplaatst werd, ook door Berlage ontworpen is. Het sluit goed aan bij de zuil, maar zeker weten doe ik het niet. Op de hoeken van de vijver kun je op een bank over de vijver uitkijken.
Wat me daarbij (eerst aan de oostkant, op de foto hieronder) opviel was het rode ornament in het hekwerk. Je moet er echt even voor gaan zitten en studeren, maar dan is duidelijk dat het kwart linksonder niet gelijk is aan de overige delen. De smid moet een stuk ijzer tekort zijn gekomen en gedacht hebben: “Jammer dan, maar dat valt toch niemand op.”

Ornament-oost

Nog grappiger is dat het ook aan de westkant (foto hieronder) niet helemaal klopt. De spiralen eindigen in een soort lob, maar ook hier is het kwart linksonder niet helemaal ‘in vorm’. Was het zaterdagmiddag, toen de smid vroeg naar huis (of de kroeg) wilde? Of misschien maandagochtend?

Vreemd eigenlijk. Bij het ontwerp en de constructie van de nieuwe doorgang, het hekwerk en de zuil moeten  nogal wat mensen betrokken zijn geweest: opdrachtgevers, ambtenaren van de gemeente Den Haag, Berlage, de uitvoerenden, hun leidinggevenden en vele anderen. Heeft niemand dit gezien? Of wel gezien en gedacht: “Och, laat maar zitten…”?
Zou zoiets nog uit te zoeken zijn? Wie is de man/vrouw die mij dat zeggen kan?

Ornament-west

Het leven is eindig, toch?

Onderstaand bericht werd gepubliceerd bij het begin van de site hetleveniseindig.nl op 26 juli 2014. Alle teksten van die site worden hier opgenomen.
Zodra dat klaar is, wordt hetleveniseindig.nl opgeheven.

Zo’n maand voor m’n 68ste verjaardag, begin ik deze site.
Zo langzamerhand kom je erachter dat het leven eindig is, al was het maar omdat je steeds meer vrienden, bekenden en familieleden moet missen.

Wat er verder hier gaat komen? Geen idee…

Kabouterhuis ontruimd…

SOorspronkelijk KabouterhuisjeOplettende buurtbewoners  van de Uitvinderswijk hebben het wellicht opgemerkt. Het kabouterhuisje is verlaten. Het geveltje van hun woning is nog steeds te zien op de bekende oude plek, maar van enige verdere bedrijvigheid of bewoning is niets meer te merken.
Na vele pogingen van kabouters, smurfen en andere bewoners om er een permanent verblijf op te bouwen, is door de laatste groep smurfen besloten te verhuizen. Nog onlangs is dit groepje daklozen gezien, wandelend in een goot, zeulend met al hun huisraad, richting centrum Den Haag.
We zijn benieuwd of ze er daar misschien wel in zullen slagen een blijvend verblijf op te bouwen. (wordt vervolgd)

Guerrilla Gardening, hoe doe je dat?

De afgelopen twee jaar zijn we in de Uitvinderswijk – met een flinke groep bewoners – actief geweest met het aanleggen van tuinen en tuintjes op verwaarloosde plekken in de wijk. We kregen daarvoor veel complimenten, vooral van voorbijgangers, als we aan de slag waren, maar ook via de sites waarop we van e.e.a. verslag deden: www.meergroenzelfdoen.nl en de groepspagina op Facebook.

Sinds kort is er een film over hoe je zoiets nu precies aanpakt. In een paar minuten zie je hoe je zelf in actie kunt komen. De meest gestelde vragen zijn: mag dat wel? Vindt de gemeente dat wel goed? Zeker, we hebben bij grotere tuinen zelfs medewerking gekregen van de afdeling Groenbeheer van het Stadsdeelkantoor Segbroek. Er is eigenlijk geen enkele reden om het niet te doen, als je je leefomgeving wat wilt opfleuren. Zeker als je het niet alleen doet, is het niet ‘eng’, zoals veel mensen denken.

Bekijk de film hieronder.