
Evolutie of schepping, nu weet ik het


Met dank aan zerobs.net
Daar stond ik dan gisteren, in de Mozes- en Aäronkerk in Amsterdam, waar Verhuis je geld! was uitgenodigd voor een discussie tussen actievoerders van Occupy en enkele ‘deskundigen’. Die overigens bijna allemaal direct verklaarden zich ook of meer actievoerder te voelen, misschien wel in lang vervlogen tijden, maar toch.
Er waren maar liefst zes sprekers, die allemaal 10 minuten hadden, ik was nummer 5. En op de een of andere manier liep het anders dan gepland, ik had een keurig verhaal geschreven, dat ik in ongeveer 10 minuten zou kunnen voordragen, maar het liep anders.
Toen ik achter die microfoon stond werd ‘de geest’ duidelijk vaardig over mij, het moet de omgeving zijn geweest en al dat Katholieke dat me omringde. Ik gaf – anders is het niet te betitelen – een flinke donderpreek met woede en stemverheffing. Waarin ik mijn waardering voor Occupy niet onder stoelen of banken stak, en waarin ik mijn woede over de laksheid van de Nederlandse bankklant evenmin onbelicht liet. En natuurlijk mijn afkeer van (het overgrote deel van) de Nederlandse bankwereld.
Ik merkte dat er wel echte aandacht was, na de vorige sprekers die het toch allemaal lief, aardig, onverstaanbaar of nogal wetenschappelijk hadden gebracht. Een soort Wim de Bie kwaadheid, echt gemeend, maar het kwam er best hard uit. Hier en daar in de zaal zag ik een angstige blik, of was dat verbeelding?
Hanneke vertelde achteraf dat ze zich wel een beetje zorgen had gemaakt over mijn woede, maar ik kreeg later toch veel lovende woorden te horen. Van de organisatoren die zeiden dat dit goed paste in een ruimte als deze, ondanks de enkele scheldwoorden die ik had gebruikt. Eigenlijk was het meer een Protestante dan een Katholieke donderpreek, zei een van hen nog, want ‘zo’ preken Katholieken niet.
Vaak wordt de bijbel aangehaald als legitimatie om iets wel of niet te doen, af of goed te keuren. Van een Amerikaanse vriendin kreeg ik een bericht over dr Laura Schlesinger die een bekende radioshow heeft.
De vraag ging over Leviticus 18:22: Bij een manspersoon zult gij niet liggen met vrouwelijke bijligging; dit is een gruwel. Naar aanleiding daarvan ontving zij de onderstaande reactie, waarvan het eerste deel uit het Engels vertaald.
Beste dr Laura,
Hartelijk dank voor al het werk dat u doet om ons te onderwijzen in Gods Wetten, ik heb veel van u show geleerd en probeer het met zoveel mogelijk mensen te delen. Als iemand homoseksualiteit probeert te verdedigen, wijs ik ze op Leviticus 18: 22: einde debat. In dat verband zou ik graag nog wat meer advies van u willen hebben.
De afgelopen maanden las ik (naar aanleiding van een bespreking ervan op: ja, daar heb je ze weer Radio Maria) bijna het complete werk van Flannery O’Connor. Een Amerikaanse schrijfster die in de jaren 50 en 60 boeken en verhalen schreef die zich allemaal in de Bible Belt in het zuiden van Amerika afspelen. Op verzoek van de uitgever van een van haar in het Nederlands vertaalde boeken schreef ik een bespreking van haar werk en ‘ wat het met me deed’.
Inmiddels moge duidelijk zijn dat één van de onderwerpen die me intrigeren godsdienst is, vooral de vraag hoe het mogelijk is dat mensen geloven, wat voor mij – met alle respect – erg vreemd is. Dat heeft natuurlijk met mijn opvoeding te maken, waarin godsdienst wel een rol speelde, maar hooguit een marginale, althans… enkele hoofdpersonen uit mijn geschiedenis waren bepaald niet ‘los’ van het geloof. Lees verder Flannery O’Connor
Geïnteresseerde volgers van deze site hebben wellicht gemist dat er op een ouder artikel een uitgebreide reactie is verschenen. In de discussie tussen de heer Kemme en mij (en het vervolg daarop) is daarmee een volgende stap gezet. Ook de laatste, want grote vermoeidheid en mistroostigheid is op mij nedergedaald na het lezen van deze laatste reactie van Heer Kemme. Ik heb me gerealiseerd dat het heilloos is hiermee door te gaan. We zullen het nooit eens worden, never the twain shall meet. Heeft hij gelijk of ik? Het doet er niet toe. Ik heb me door al dat geschrijf over godsdienst gerealiseerd dat enige zendingsdrang ook mij niet vreemd is. Ik heb de illusie gehad gelovigen te kunnen bekeren tot het atheïsme, en dat is een heilloze weg, zie ik nu in.
Maar toch ben ik ook deze keer weer blij geworden, zelfs enigszins in een halleluja-stemming. Jaren heb ik gewerkt voor Stimezo Nederland, het is wel lang geleden, maar het staat me nog vers in het geheugen. Een van de knappe dingen die Paul van Brederode (we hebben onlangs afscheid van hem moeten nemen) in die jaren gedaan heeft, is het opzetten van een uitgebreid onderzoeksprogramma over abortus en anticonceptie. Paul Schnabel, huidig directeur van het Cultureel Plan Bureau, begon zijn carrière daar met het opzetten van dat programma (met capabele collega’s) dat jarenlang veel waardevolle rapporten opleverde. Ook werd er onderzoek gedaan naar anticonceptie(voorlichting) en abortus onder jongere (en heel jonge) vrouwen.
En nu komt Kemme met de onthullende tekst: “Ikzelf was niet zo blij om in het middelbare onderwijs in Nederland condooms te moeten uitdelen, wetend dat die het aantal tienerzwangerschappen en abortussen alleen maar doen toenemen.”
Het gaat om het woordje “wetend”. Om dat woordje stop ik met deze discussie. Kemme “weet” dingen en zal altijd dingen blijven “weten”, omdat hij gelooft. Ik “weet” eigenlijk niets, want ik geloof niet. End of story.

In antwoord op mijn vorige blog ontving ik een zeer lange mail van de hr Kemme. Die publiceer ik hier niet, maar mijn antwoord wel, waaruit de inhoud van zijn bericht makkelijk is af te leiden.
Geachte hr Kemme,
Dank voor uw uitgebreide reactie, waar een hoop op te zeggen is.
Ten eerste hebt u gelijk dat het een nogal emotioneel stuk is, niet erg genuanceerd, to put it mildly, maar dat permitteer ik me op mijn eigen persoonlijke blog. Ik voel me af en toe nogal verwant met Wim de Bie die bij tijd en wijle ook zeer boos kon worden om het een of ander.
Om op enkele van uw punten meer zakelijk in te gaan het volgende:
Al enige tijd tob ik met een spreker op Radio Maria: Vincent Kemme (53), gehuwd vader van zes kinderen, die zich op 23-jarige leeftijd naar eigen zeggen: “Bekeerde van post-katholieke agnost in de geest van de jaren zestig, tot geëngageerd katholiek-christen, door een persoonlijke ontmoeting met de levende God…”
Kemme gaf drie ‘conferenties’ op de radio over de ‘Dictatuur van het Relativisme‘. Kort gezegd, over onze huidige cultuur, die in niets absoluuts meer gelooft, maar alles juist ter discussie stelt, alles relativeert. En die zich tegelijkertijd nogal intolerant opstelt naar de (inmiddels) minderheid van hen die nog wel geloven in absolute waarheden. In Kemme’s geval: die ene waarheid van de Katholieke kerk.
Ongeveer alles in deze man stoot me af, z’n zalvende toon (die trouwens in de verte aan Arnon Grunberg doet denken, maar meer toch aan dominee Gremdaad), de pertinentie waarmee e.e.a. wordt geponeerd, en vooral die ‘vergevingsgezinde’, die ‘liefdevolle, de ander volkomen vrijlatende’, maar o, zo neerbuigende houding naar iedereen die niet in het ‘ware’ geloof staat.
Om maar eens iets te citeren uit zijn ellenlange verhaal, geplukt van z’n andere website: Biofides:
“Er is geen instelling op aarde die nu al 2000 jaar lang een boodschap van liefde en waarheid zonder onderbreking aan mensen van alle tijden en culturen verkondigt (vet van mij) dan de katholieke kerk. Het heeft geen zin om elders te zoeken ook al is er in andere geloofsgemeenschappen heus ook wel waarheid te vinden. Maar de volheid van de waarheid vindt je slechts in de Kerk die Christus de waarheid zelf, gesticht heeft en waarvan hij gezegd heeft dat de poorten van de hel haar niet zullen overweldigen.”
Afgezien van het feit dat spellen ook een vak is, lopen de rillingen me over de rug van deze praat. Tweeduizend jaar een boodschap van liefde en waarheid? En dat ook nog zonder onderbreking? Moet ik hier echt op ingaan?
En wat te denken van het volgende:
“De ware christelijke houding is er immers een die de ander, ongeacht wat hij denk of doet, ziet als een naar Gods beeld en gelijkenis geschapen medemens, die om die reden alle vorm van van respect geniet. En daar waar de levenshouding van de ander mij niet goed uitkomt of benadeelt is er de plicht tot de vergevingsgezindheid, de barmhartigheid die God ook jegens mij heeft. Geloven in de waarheid in een relativistische samenleving moet dus gepaard gaan liefde en barmhartigheid jegens onze naaste, zonder daarmee afbreuk te doen in datgene dat wij ten diepste als de waarheid kennen.”
Liefde en barmhartigheid hebben wij (als relativisten, zal ik maar even zeggen) te verwachten van Kemme en de zijnen. Ik hoor het hem zeggen, maar echte liefde klinkt niet uit zijn woorden, eerder neerbuigend medelijden met een stakker die de waarheid niet kent en tastend in het duister van de Dictatuur van het Relativisme ronddoolt zonder doel, zonder richting. Iemand die gered moet worden. En het gaat maar door:
“Een diep geworteld zijn in de liefde een de waarheid die Christus is, in zijn Kerk, in de kennis van ons geloof, een houding die leidt tot onze heiliging, kan overtuigend zijn voor onze geseculariseerde en relativistische naaste die soms nauwelijks weet waar hij staat en waarom hij denkt zoals hij denkt (vet van mij). Vanuit een liefdevolle en barmhartige houding in de waarheid van ons geloof kunnen we beginnen aan een her-evangelisering een opnieuw verkondigen van de waarheid van God, de mens, het leven zonder daarmee mensen af te stoten. Het gaat niet om ons eigen gelijk en we hoeven Gods waarheid niet te verdedigen, er slechts van te getuigen.”
O, mijn God, ik weet nauwelijks waar ik sta en waarom ik denk wat ik denk. En door zo iemand, iemand met dat soort vooroordelen, iemand die helemaal niet liefdevol naar me kijkt, maar die me juist bij voorbaat al stigmatiseert en veroordeelt, moet ik gered worden? Brrr… ik moet er niet aan denken door Kemme uit het water gehaald te worden, al is de relativistische verdrinkingsdood me nog zo nabij.
Ik moet toegeven, die Papenhaat komt niet zomaar uit de lucht vallen. Die heb ik van m’n vader, die nooit een goed woord over had voor de jaren dat hij de middelbare school op een katholiek seminarie (of zoiets) doorbracht.
Maar misschien kan ik beter maar denken aan de in onze familie gevleugelde uitdrukking van m’n Limburgs overgrootmoeder: ” Zint ’t je niet, zet ’t zeven voet van je af! Dan springt het je niet tegen de bek.”
PS Van een vreemde heeft Kemme het niet. De huidige paus, als ik het goed heb, de uitvinder van de Dictatuur van het Relativisme, zei vorig jaar in Engeland: “Er zijn sommigen die godsdienstige overtuigingen willen uitsluiten van het publieke debat, die het willen terugdringen naar het privédomein of zelfs afschilderen als een bedreiging voor gelijkheid en vrijheid. Maar religie is in feite een garantie van authentieke vrijheid en respect, en leidt ons ertoe elke persoon als broer of zus te beschouwen. Daarom doe ik in het bijzonder een beroep op u, de lekengelovigen, om overeenkomstig uw doop, roeping en zending, niet alleen voorbeelden van geloof te zijn in het openbaar leven, maar ook om de wijsheid en de visie van het geloof in het openbaar krachtig in het publieke debat in te brengen. (..)
De hedendaagse samenleving heeft behoefte aan duidelijke stemmen die ons recht om te leven naar voren brengen, niet in een jungle van zelfvernietigende en willekeurige vrijheden, maar in een maatschappij die werkt voor het echte welzijn van haar burgers en hen begeleiding en bescherming biedt met betrekking tot hun zwakte en kwetsbaarheid. (..)
Zoek Hem, leer Hem kennen en bemin Hem en Hij zal je bevrijden van de slavernij van het glinsterende, maar oppervlakkige bestaan dat de huidige maatschappij je biedt. Gooi weg wat waardeloos is en leer van je eigen waardigheid als kinderen van God.”
Brrr, ik een broertje van Ratzinger, mocht ie willen…